Voor meer informatie over dit boek/deze schrijver klik op onderstaande link:
https://mom.biblion.nl/olifant/olifant.dll/?doctype=AI&bibliotheek=StadEschLyceum&ppn=&isbn=9789025440374&lid=
Acht mensen komen op een zondag in een schoolgebouw samen voor de opnamen van een wetenschapsprogramma. Maar die worden nooit gemaakt. Want plotseling klinkt er een knal. Op bevel van de autoriteiten gaan ramen, deuren en gordijnen dicht. En ze blijven dicht. Eerst dagen, dan weken. Door de ogen van tv-redactrice Merel zien we hoe de groep probeert zich staande te houden in een nieuwe wereld. Een wereld van duisternis en isolatie. Van slapen op een gymmat en tien korrels rijst per dag. Naarmate de voedselvoorraden verder slinken, lopen de spanningen tussen de schoolbewoners steeds hoger op. Als alles wat er was er niet meer is, wat is dan nog de waarde van liefde, loyaliteit en vriendschap?
In deze nieuwe roman van de Volkskrant-columniste (1984) is er een leven voor en een leven na ‘de knal’. Acht mensen die zouden deelnemen aan de televisieopnamen van een wetenschapsprogramma op een zondag in een schoolgebouw zijn na ‘de knal’ in een claustrofobische setting tot elkaar veroordeeld. Zij zitten wekenlang in het schoolgebouw opgesloten; het is onduidelijk of zij er ooit uit zullen komen; het eten is gerantsoeneerd tot enkele rijstkorrels per dag. De televisieredactrice Merel houdt aantekeningen bij en richt zich hierin tot een jij-figuur, van wie pas later duidelijk wordt wie dat is. De dagen die zij beschrijft zijn genummerd en staan chronologisch door elkaar heen. Een gevonden leeg medicijnbuisje voor antidepressiva doet vermoeden dat een van de aanwezigen bij gebrek aan medicijnen in een psychose zal geraken. In deze apocalyptische roman worden, vooral aan het einde van het boek, ontluisterende grenssituaties beschreven ('Heer der vliegen' van William Golding is niet ver weg). Het is een beklemmend boek, knap geschreven, dat existentiële vragen oproept.