Bekroond met de F. Bordewijkprijs 2006.
Fransje Hermans, de verteller van het verhaal, is na een ongeluk invalide geraakt en heeft voorgoed zijn spraakvermogen verloren. Hij is de zelfbenoemde chroniqueur van het dorp Lomark. Zijn fascinatie voor de nieuweling Joe Speedboot is grenzeloos: Joe Speedboot, de jongen die zijn eigen naam gekozen heeft en op zijn vijftiende al bommenlegger, vliegtuigbouwer en bewegingsfilosoof is. Nauwgezet observeert Fransje hoe nog een nieuwkomer de natuurlijke orde van het dorp komt verstoren: Joe’s stiefvader Papa Afrika, een zachtaardige Nubiër met gazellenogen die een kleine scheepswerf begint op de oever van de Rijn. Dan verschijnt de geheimzinnige Picolien Jane, een beeldschone Zuid-Afrikaanse, aan wie Fransje zijn kronieken opdraagt en voor wie levenslange vriendschappen op het spel worden gezet. In haar komen alle verhalen samen, met noodlottige gevolgen.
De derde roman van Wieringa is gesitueerd in Lomark, een beperkt en door verdere beperkingen bedreigd dorp in het oosten van het land. In dit dorp bevindt zich Fransje, een zwaar gehandicapte - in de loop van het boek blijkt de oorzaak - schrijver en van een tomeloze inzet voorziene dagboekenier. Het is een jongen met een willoos lichaam, maar met een weergaloos sterke arm (symbool voor het schrijverschap?). Als een metoriet is de overrompelende, grenzen verleggende, titelheld Joe Speedboot in het dorp gekomen en ook in het leven van Fransje. De lotgevallen en de Werdegang van vrienden worden verteld; de meest absurdistische scènes volgen elkaar op. Liefdesgeschiedenissen doen zich gelden; er is jaloezie onder vrienden; uitersten worden verkend en er zijn prachtige zijlijnen. Onder leiding van Joe Speedboot ontwikkelt Fransje zich tot vooraanstaand armworstelaar. In een krachtige, de verbeelding van de lezer vervoerende stijl, wordt een schitterend geïntensiveerde werkelijkheid beschreven.
| Vestiging | Locatie | Beschikbaarheidsinformatie |
| Ezinge | nede |  | Aanwezig | Info |
Aantal reserveringen voor dit item: 0