In dit boek staan tien Rechten van het Kind centraal zoals het recht op gelijkheid, op onderwijs, huisvesting, eten en gezondheidszorg en het verbod op kinderarbeid. Bij ieder recht staat het verhaal van een kind uit een ander land (Nicaragua, Roemeniƫ, India, Aruba, Burkina Faso en Kenia). Moses uit Kenia gaat voor het eerst naar school omdat hij eindelijk een schooluniform heeft en Anand uit India protesteert tegen kinderarbeid. De lezer maakt kennis met het dagelijks leven van tien jonge kinderen uit die landen. Leventjes die niet rooskleurig zijn en waarin armoede en verdrukking de boventoon voer(d)en. Maar de kinderen zijn niet ongelukkig en hebben zich, soms met hulp van anderen, los weten te maken uit een uitzichtloos bestaan. De tien portretten zijn sterk gedramatiseerd. Door het perspectief bij het kind te leggen en precies te vertellen wat er gebeurt, lijkt het boek op een docudrama. De schrijfstijl is prettig leesbaar: direct, vlot en sterk beschrijvend. Een docent kan na het lezen al een klassendiscussie voeren. Kinderen die graag lezen over andere landen, zullen dit boek zeker ook waarderen. De kleurenfoto's zijn betekenisvol en vormen mooi illustratiemateriaal bij de afzonderlijke verhalen
| Vestiging | Locatie | Beschikbaarheidsinformatie |
| Ezinge | |  | Aanwezig | Info |
Aantal reserveringen voor dit item: 0