Voor meer informatie over dit boek/deze schrijver klik op onderstaande link:
https://mom.biblion.nl/olifant/olifant.dll/?doctype=AI&bibliotheek=StadEschLyceum&ppn=&isbn=9789045100449&lid=
Terugkijkend probeert de (destijds?) 12-jarige ik-figuur Sip de tragische dood van haar 17-jarige broer Cham te begrijpen. Met de rauwe melding van zijn verdrinking opent de jeugdroman. Cham was een eenzame zwerver die te veel dronk, ’s nachts weinig in zijn bed lag, en "bij tijd en wijle het Neptunus College bezocht", "niemand vroeg hem ooit wat hij precies had uitgespookt". Pa (kunstenaar) trekt zich terug in zijn atelier en schuwt contact en emoties, ma poetst en wordt nooit echt boos. Beiden negeren Chams roep om aandacht. Sip (officieel Sibille naar een Griekse profetes) observeert en verwoordt: "sukkels waren het…geen idee hadden ze". Cham en Sip verbergen hun verknochtheid onder plagen. De spanning van de reconstructie, voor- en achteruit stappend in chronologie, is adembenemend. Het hoe en waarom van Chams dood blijft onbeantwoord (zelfmoord?), maar de aarzelende toenadering tussen pa en Sip geeft hoop. Geserreerde taal, dialogen met ondanks alles laconieke humor. Preciese sfeertekening. Een aangrijpend, ondanks de korte staccato zinnen niet eenvoudig verhaal voor jongeren vanaf ca. 13 jaar.