De poëzie van Tellegen speelt zich af op het scherpst van de snede en vermag daardoor een hoop gedachten en vooral ook gevoelens los te maken. Wat te denken van een gedicht dat dwingend aldus begint: 'Je moet, zeiden ze, de waarheid onder ogen zien. Nu! Nu meteen!' Uitroeptekens en vraagtekens, het zijn leestekens die Tellegen geregeld, maar altijd met gevoel voor het theatrale van de door hemzelf geschapen situatie gebruikt. Zijn gedichten zijn verhalende essays, er wordt iets in uitgeprobeerd dat te maken heeft met ons bestaan. Hij gaat dikwijls uit van iets bijna clichématigs - 'Iedereen is alleen', 'Er zijn oorlogen tussen mensen', 'Een man zocht het geluk', 'Er is geen vrijheid' - maar bouwt dat, via variaties en tegenspraken, uit tot een vaak absurdistisch verhaaltje, waarin ontzaglijk veel ik zou haast zeggen archetypisch materiaal is verwerkt. Abstracta stelt hij concreet voor: 'Kijk, daar gaat de vrede.' Hij gebruikt juist expres de grote woorden en houdt van 'vuriger' of 'hartstochtelijker', van 'radeloos' of 'wanhopig', maar het gebruik van zulke woorden is bij hem altijd precies op zijn plaats. Melodrama en ernstige bezinning gaan bij hem volmaakt hand in hand. Dit is nu al zijn twaalfde dichtbundel!
| Vestiging | Locatie | Beschikbaarheidsinformatie |
| Ezinge | |  | Aanwezig | Info |
Aantal reserveringen voor dit item: 0